K2-Moerkapelle 1 1


Valse start K1 – Moerkapelle 1

Maandag 23 oktober maakte Krimpen 2 haar debuut in de promotieklasse van de RSB. Hier is de tegenstand uiteraard weer een stukje sterker maar het huidige Krimpen 2 is een team waar iedereen rekening mee moet houden. Ik vind het interessant om te zien dat er in het team verschillende speelstijlen aanwezig zijn. Van rustig en degelijk tot scherp en aanvallend. Het wordt een leuk seizoen!

De eerste wedstrijd dus tegen Moerkapelle 1. Een team wat al lang in de promotieklasse speelt en een aantal jaar geleden zelfs in de KNSB competitie heeft gespeelt. Remko wilde graag vooruit spelen, en het toeval wou dat Moerkapelle dat ook wilde. Remko speelde een week eerder, op onze normale clubavond, op bord 5 met zwart tegen Andre Nieuwlaat. De Fianchetto variant tegen het Konings-Indisch kwam op het bord. Uit ervaring weet ik dat dit een taai, en goed, systeem is voor wit. Zwart komt niet aan de gebruikelijk opmars met f5 toe en moet het spel vaak zoeken op de damevleugel. En zo geschiedde. Remko deed een uitval met zijn dame naar a5 maar kwam daarbij in de problemen. Remko gaf na de partij ook aan dat hij zijn stukken beter neer had kunnen zetten, helaas was het leed toen al geschied. Andre Nieuwlaat speelde positioneel goed met het gevolg dat hij Remko kon verschalken en de partij won. 0-1 achter.

Ik kwam wat later binnen en zag op het bord van Michel een toreneindspel met een pion meer. Dat kan je wel aan Michel overlaten, maar deze keer had hij weinig bedenktijd. Tegenstander Dick Bac bood op een goed moment remise aan en Michel kon dat eigenlijk niet weigeren. Hij verwoord het zelf als volgt: ‘Na een paar zetten kwam ik al op onbekend terrein. In de opening verkreeg ik met zwart een kleine ontwikkelingsvoorsprong, maar door een inschattingsfout kreeg mijn geroutineerde tegenstander de kans om stukken af te ruilen (en verdween mijn voordeel). Kort daarna moest ik ook toestaan dat mijn tegenstander de verre vrijpion kreeg, en druk had op mijn koning. Doordat mijn tegenstander een goede zet overzag, kon ik 1 toren afruilen op een open e-lijn (en werd de druk al iets kleiner). Daarna kon ik via een originele zet de dames afruilen en kwamen wij in een toreneindspel. Mijn toren was sneller in het onschadelijk maken van vrijpionnen, dan de vijandelijke toren; waardoor ik in een gunstige positie kwam. Mijn tegenstander bood remise aan, en ik zocht naarstig naar winst. Die zag ik aanvankelijk wel, maar moest daarvoor 2 pionnen offeren. Toen ik mijn berekening voor de laatste keer controleerde, dacht ik een fout in m’n berekening te zien, waardoor ik de remise accepteerde. 0,5-1,5 achter.

Floris speelde tegen Gerard van Ommeren. Er kwam al snel vuurwerk in de stelling doordat beide spelers op het scherpst van de snede speelde. Van Ommeren liet toe dat Floris zijn dame naar c3 kon spelen waarmee hij de toren op a1 aanviel als ook het paard op d4. Van Ommeren begon met een paardmanoeuvre wat resulteerde in de winst van een toren op a8. Floris had dit gezien en berekent dat hij er twee stukken voor terug kreeg. Helaas ging er tijdens de afwikkeling iets fout, mede door tijdnood van Floris, en kwam iets minder te staan. In de analyse na de partij kwamen we er achter dat de les die Harold ons altijd leerde werkte: vaak werkt een combinatie als je de zetten omdraait. Van Ommeren wikkelde af naar een gewonnen eindspel. 0,5-2,5 achter.

Kort daarna kwam Jan Sluiter naar mij toe dat hij waarschijnlijk zou verliezen aan bord 8. In een langzame manoeuvreerpartij wist tegenstander Arno Luinenburg te voorkomen dat Jan de stelling kon openen. Luinenburg kreeg een sterk paard op c4 en Jan zat met een slechte loper opgescheept. Jan kon niets anders dan lijdzaam toekijken hoe Luinenburg zijn stelling versterkte en uiteindelijk rustig met zijn koning naar binnen kon wandelen en de partij besliste. Jan zei me na de partij dat hij deze strategie het liefst zelf speelde, maar soms zit je ook aan de ontvangende kant. Complimenten aan Luinenburg! 0,5-3,5 achter.

Nu verloren we wel erg snel punten en even was ik bang voor een grote nederlaag. Maar dan hebben we altijd Hans van Nieuwenhuizen aan bord 3 nog. Tegenstander Jesse van Elteren offerde in de opening een stuk tegen twee pionnen en een aanvalsstelling. Maar Hans verdedigde zich stug en kon de aanval mooi overnemen. De koning van van Elteren werd naar het midden van het bord gedwongen en stond zelfs bijna mat! Om dit te voorkomen moest wit de toren geven en daarna moest Hans nog wel even wat drempels over maar wist hij de partij netjes naar zich toe te trekken. Ik vond het erg leuk om deze partij te volgen want er zaten veel tactische wendingen in. 1,5-3,5 achter.

Joop Huijzer speelde aan bord twee een interessante zijvariant van de Grand Prix Attack. Hij beschrijft de partij als volgt: ‘Mijn tegenstander kende het systeem redelijk, hoewel hij na 1.e4 c5 2.Pc3 Pc6 3.Lb5 g6 4.Lxc6 met de b-pion sloeg ipv de d-pion wat meer gebruikelijk is. Hij vertelde dat hij daarna mijn hand naar de d-pion zag gaan en vreselijk bang was voor d4?! Nagekeken maar dat is niets bijzonders voor wit na Lg7 dc5 Da5.

Hij speelde het verder vrij goed met op tijd de manoeuvre Pf6-d7. Alleen op het vroegtijdige f5 had ik toch beter kunnen slaan op f5. Nu kwam hij na mijn slappe Pa4 met e5! en kreeg heel licht voordeel. Het bleef even oppassen maar het bleef binnen de marges. Ik had het hier en daar iets beter kunnen doen en dan had ik een klein plusje gehad met sterk gereduceerd materiaal. Al met al een tamelijk evenwichtige partij zonder grote blunders. 2-4 achter.

Om er een gelijkspel uit te slepen moesten Frits van Duin op bord 6 en Bert ter Wolde op bord 4 winnen. Voor Frits werd dit helaas erg lastig. Op de f-lijn waren een stel toren afgeruild en er bleef een D+L tegen D+L eindspel over. Ik vermoed dat hij constant iets beter stond, maar hij kon nergens de beslissende doorbraak forceren. Daarbij moest Frits uitkijken dat als hij teveel wilde hij zomaar kon verliezen. Frits moest berusten in remise. 2,5-4,5 achter.

Als laatste was Bert ter Wolde bezig. Halverwege kwam Bert naar mij toe met de vraag of hij remise kon aannemen. Dit wees ik af omdat hij a. beter stond en b. ik al vermoedde dat we het punt hard nodig hadden. Bert speelde tegen Wouter Vroegindeweij die hij een paar seizoen terug ook als tegenstander had. Toen verscheen er een Grunfeld-Indische verdediging op het bord net als nu. Deze keer koos Bert voor de Russische variant met Db3 in tegenstelling tot de hoofdvariant die verder gaat met cxd5, welke Bert in de eerste ontmoeting met Vroegindeweij speelde en kansloos verloor. Bert zette de partij actief op en kwam steeds beter te staan. Om onder de druk van Bert uit te komen begon Vroegindeweij wat riskante acties waardoor Bert mooi kon counteren met toren op de 6e en 7e rij. Ook had Bert verre vrijpionnen op de a- en h lijn. Door tijdnood speelde Bert het niet helemaal optimaal uit, maar een punt is een punt en die werd overtuigend en verdiend binnengehaald door de tegenstander geen kans meer te geven. Eindstand: 3,5-4,5 verloren.

Helaas nipt verloren. Maargoed, Moerkapelle 1 was op papier ook sterker en het spel geeft vertrouwen voor de rest van het seizoen. De tweede wedstrijd is op dinsdag 14 november tegen Nieuwerkerk aan den IJssel 1, die kunnen we pakken!

Diederick Casteleijn Teamleider Krimpen 2

 

 

 

 


Een reactie plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Een gedachte over “K2-Moerkapelle 1

  • Arno Luinenburg

    Dat hebben jullie ook gedaan. De 2 scoorders van Nieuwerkerk waren de sterksten. Bord 1 speler had vroeger ook een rating van ver boven 1900. Vorig jaar schreef ik “geef geen krimp aan de concurrentie” nu “geef geen krimp aan de degradatiekandidaten”.