Krimpen 1 – Rijswijk 1

Klassieker houdt traditie in ere

Op de dag dat in de Spaanse voetbalcompetitie de Classico gespeeld werd, trad Krimpen 1 aan voor de klassieker in klasse 3F van de KNSB tegen Rijswijk. De traditie in ongeveer 30 jaar dat deze klassieker is gespeeld, geeft aan dat Rijswijk niet wint. Deze statistiek doet sommige spelers van Rijswijk verzuchten dat deze vloek nu eens een keer afgelopen moet zijn. Rob van Helvoort die veel wedstrijden meemaakte, sprak zelfs van een verlaat Pasen (met name verwijzend naar de lijdensweg) voor Rijswijk. De spelers van Rijswijk hopen dat we kampioen worden en eindelijk uit de 3e klasse verdwijnen. De kans op het kampioenschap is echter klein, na ons gelijkspel in de vorige ronde.

De teamleider van Rijswijk, Peter Graemers had een originele manier bedacht om tot een opstelling te komen om de Krimpense plaag te bestrijden: loten! Inderdaad bleek de opstelling op basis van willekeur tot stand gekomen te zijn. Zo kwam het dat Wiggert Pols aan bord 4 een van de sterkste spelers van Rijswijk (de man met beslist de mooiste Nederlandse naam) Frans Hoynck van Papendrecht trof. Wiggert wist niet veel te bereiken met wit, maar in het vervolg werd zwart overspeeld. Wiggert wist als eerste het volle punt binnen te halen, een mooie overwinning van onze jongste speler. Alexander Janse had een stelling naar zijn zin opgebouwd. Toch wist tegenstander Bas van der Berg voldoende tegenspel te creëren en wat later werd het remise door een afgedwongen zetherhaling. Alexander was toch enigszins teleurgesteld met deze remise. Kopman van Rijswijk, Rob van Helvoort had de kopman van Krimpen, Harold van Dijk als tegenstander geloot. De openingsopzet van Rob is niet voor herhaling vatbaar. Even leek het erop dat Harold zijn voordeel had weggegeven, maar de stelling beleef gecompliceerd. Rob dacht een sterke aanval in te zetten, die eeuwig schaak zou op kunnen leveren. Dit werd gepareerd door Harold en toen Rob ook nog een laatste bok schoot moest hij toegeven dat hij weer slachtoffer van de Krimpense vloek was. Bart Dubbeldam speelde aan bord 3 een moeizame opening tegen Alexander Cupido. Hij stond erg gedrongen en even leek het volledig mis te gaan. Bart wist zich te redden en sloeg de witte aanval af. Hij kreeg remise aangeboden maar besloot na enig nadenken toch door te spelen. In een toreneindspel bleek hij net dat ene tempo meer te hebben om de zege binnen te slepen. Ook Arne Pols aan bord 5 tegen Peter Monte leek te gaan winnen. Hij veroverde een belangrijke pion en de zege leek een kwestie van techniek. Helaas vergat hij een tussenschaak te geven met een loper en werd hij het slachtoffer van een tactisch wending waardoor diezelfde loper verloren ging. Ondanks heftige tegenstand moest hij de strijd kort daarna staken. Aan bord 8 trof Marcel Glissenaar, Michael van Liempt. Beide spelers bezetten normaal gesproken een van de hogere borden en besloten er een stevige strijd van te maken. Marcel dacht iets beter te staan maar moest ervaren dat het tegendeel waar was. Michael voerde langzaam de druk op door goed te manoeuvreren op de damevleugel. De beruchte 41ste zet van Marcel was een blunder. In een houdbare stelling speelde hij Ld1 en moest na de krachtzet Txd4 direct opgeven. Berucht is de 41ste zet omdat dan vaak de concentratie verslapt, de tijdcontrole is net gehaald en het gevaar van een blunder hangt in de lucht. Met een tussenstand van 3,5-2,5 waren Dolf Meijer aan bord 1 en Peter Glissenaar aan bord 7 nog in de strijd. Uw verslaggever speelde een moeizame partij. De opening werd niet optimaal gespeeld en Jelle Bulthuis kreeg een stevig voordeel. De beruchte zwakke Franse loper van zwart werd tot inactiviteit gedwongen. Jelle bleef alert op het tegengaan van elk zwart tegenspel wat vaak een kwaliteitsoffer behelst. In het eindspel leek ik geen kans meer te maken, maar door mijn koning en diezelfde beruchte loper te activeren kwam de remisehaven weer in zicht. Tenslotte bleef de hoofdrolspeler van de partij, de zwarte loper als enige over om de remise veilig te stellen. Als laatste bracht Dolf Meijer het beslissende punt binnen. Tegenstander Alfonso Gallando Banez (de man met beslist de mooiste internationale naam) bood lang weerstand. Dolf wist een kwaliteit te veroveren en ruilde wat later in de partij dit voordeel in tegen een pion voordeel maar nog belangrijker een zwakke witte koningspositie. Met ieder nog een dame en een toren met een paar pionnen bleek de positie van de koning beslissend. Dolf’s koning stond veilig in de hoek, terwijl de witte koning in het open veld rond liep. Dat dit niet goed kan gaan voor wit bewees Dolf; met enkele nauwkeurige zetten werd de koning neergehaald. Hiermee was de 5-3 overwinning een feit.

Of de klassieker tegen Rijswijk volgend seizoen weer plaats kan vinden valt te bezien. In ieder geval is het kampioenschap voor Krimpen nu toch ver weg, na de 5-3 zege van koploper Oegstgeest tegen Sliedrecht. Dit betekent dat Krimpen in de laatste ronde met minimaal 6-2 van het al gedegradeerde LSG 4 moet winnen om nog een kansje te behouden. Alles hangt dan af van de wedstrijd Schaakhuis-Oegstgeest. Als de Hofstedelingen Oegstgeest op een gelijkspel weten te houden dan is Krimpen met een 6-2 uitslag kampioen. Haalt Krimpen een kleinere zege dan 6-2 dan moet Schaakhuis zelfs winnen van Oegstgeest om het kampioenschap nog bij Krimpen te brengen. Al met al een kleine kans maar we gaan op 23 april in Leiden voor een grote zege om de druk op Oegstgeest te houden.

peter
Peter Glissenaar
[table “12” not found /]

Een reactie plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Een gedachte over “Krimpen 1 – Rijswijk 1”