Pascal 2 -K3-RSB

Krimpen 3 blijft op remise steken tegen PASCAL 2

In de voorlaatste ronde van de RSB-competitie behaalden wij een teleurstellend resultaat doordat we tegen PASCAL 2 bleven steken op een kleurloze 4-4. Dat de stand op de ranglijst – beide teams hadden evenveel matchpunten – zo’n uitslag aannemelijk maakte doet aan de frustratie daarvan niets af.

Henk speelde op het laagste bord ooit onder mijn bewind (bord 6). Henks partijen duren nooit lang en het is meestal top of flop. Ik had hem de opdracht gegeven te winnen. Die opdracht werd snel en onberispelijk uitgevoerd. Henk ging met zwart vol in de aanval waarna zijn hardnekkig tegenstribbelende opponent (de woorden van Henk zelf) de keuze had tussen materiaalverlies, mat gezet worden of opgeven. Diens keuze viel op het laatste.

Evert was een bord 3 snel klaar met een half puntje

Eddy leek aan bord 5 een kansrijke stelling te hebben met een gedekte vrijpion op c7. Het promotieveld bleek echter een brug te ver en na een afruil moest hij nog hard maar succesvol werken voor het halve punt.
In mijn eigen partij meende ik iets slechter te staan – wat waarschijnlijk niet zo was. Ik meende door een briljant dameoffer eeuwig schaak te kunnen forceren. In mijn euforie was ik zo verblind dat mijn dame weliswaar naar de eeuwige jachtvelden verdween maar dat het eeuwig schaak na drie zetten stopte. Einde oefening dus en een tussenstand van 2-2.
Onze kopman en erkende remisesprokkelaar Robert heb ik zelden zo uitgelaten zien kijken na het binnenhalen van het volle punt. Helaas moest Charlie in een evenwichtige partij opgeven na een misrekening (3-3).

Een grote teleurstelling was het verlies van ons puntenkanon Eric. Na een taaie partij waarin het evenwicht volgens mij niet werd verbroken (T + L + 6 pi tegen T + P+ 6 pi) maakte Eric de fout door met zijn koning te dicht bij de witte stukken te komen. In het Corona tijdperk had Eric beter moeten weten door afstand te houden. Nu werd hij na één foute zet ver van huis (op de witte damevleugel) pardoes mat gezet.

Als laatste was Jan-Louw nog bezig op bord 7. Het was inmiddels half elf en de zaal was vol lawaai met niet meer schakende Pascalezen en een enkele Krimpenaar. Jan-Louw stond totaal gewonnen. Zijn tegenstander benutte zijn nog ruime bedenktijd niet met nadenken – dat lijkt mij toch wel de bedoeling – maar met ergens anders een tijdje rond te hangen en dan terug te komen om een zet te doen. Dit herhaalde zich talloze keren. Met nog een paar minuten op de klok had hij rustig kunnen opgeven. Maar in plaats daarvan bleef hij op zijn stoel geplakt zitten totdat zijn vlag was gevallen. Op mijn vraag na afloop waarom hij in zijn eigen tijd zoveel afwezig was kwam natuurlijk als antwoord dat hij daar het recht toe had. Het verschil tussen ergens recht op hebben en rekening houden met anderen was hem blijkbaar ontgaan. Ik heb nog aan een ervaren arbiter gevraagd of een arbiter daar wat aan had kunnen doen. Daarop was het antwoord natuurlijk ontkennend.
Maar uiteindelijk telde het resultaat en stelde Jan-Louw het halve matchpunt veilig.

Peter de Weerd
Teamleider Krimpen 3 RSB

Een reactie plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Show Buttons
Hide Buttons